Argiroupolis (Lappa): zomaar een dorpje aan de voet van de Witte Bergen
op Kreta.
Dwalend langs de rand van de oostelijke Witte Bergen reden we alle dorpjes
af op zoek naar het echte Kreta. We kwamen op een doodlopend pad in een
kloof terecht en namen die lopend ook even mee. Het viel een beetje tegen
en na een halfuurtje keerden we om en reden terug (?), in ieder geval
vérder, over een hoogvlakte door een rivierdalletje. Het was erg warm
en we wilden ergens iets gaan drinken. In onze Lonely Planet stond dat
Argiropoulis, dat volgens ons in de buurt moest liggen, een leuk plaatsje
was, maar op de kaart en ook in praktijk bleek het zeer moeilijk te vinden.
Niet dat de wegen veranderen, een stofweg blijft een weg ook al wordt
die geasfalteerd, maar er komen wel in ijltempo tussen de dorpjes in de
bergen allemaal nieuwe weggetjes bij die niet op de kaart staan. En wat
erger is: de kaarten en gidsen werken met twee verschillende namen voor
hetzelfde dorp: Argiropoulis en Lappa! En ter plekke staan nergens wegwijzers,
zelfs bij de dorpjes staan geen plaatsnamen. Dat werkt behoorlijk verwarrend.
In de bloedhitte - het was tijdens de tweede hittegolf in 2007 met temperaturen
dicht tegen de vijftig graden - kwamen we dus na veel gezoek op de kaart
en in het land bij het dorpje Argiroupolis aan. Een groot plein met uitzicht
op het benedendorp. Vanaf het plein kon je bijna bovenop het dorp kijken.
Dat zag er niet bijster interessant uit. Twee kerkjes en voor de rest
een vijftigtal betonnen huizen en een paar (gesloten) kafenions. Op het
plein, boven dus, een zeventiende-eeuwse kerk met een fraaie Venetiaanse
gevel. Ongeveer naast de kerk zetten we ons campertje weg onder een paar
weinig schaduw brengende bomen en stapten uit.
Tegenover de kerk was een soort dorpspoort en daar gingen we heen omdat
we daar een kafenion vermoedden. Nog niet eens ónder de oude poort werden
we overvallen door een sympathieke man die ons per se in het Grieks iets
wilde leren over 'zijn chora'. Hij was duidelijk van de plaatselijke persoonlijke
V.V.V., of beter hij wás de V.V.V. We werden meegenomen naar zijn bureautje
onder de poort en hij vertelde wat er allemaal in het dorp te zien was.
Te veel om op te noemen, maar wel vreemde dingen. Het plaatsje was erg
oud en heette vroeger Lappa. Hij verkocht produkten waarin avocado was
verwerkt en al het land van de nekropolis in het noorden was van hem.
Halverwege zijn verhaal was ik zowat alles wat hij verteld had alweer
vergeten. Gelukkig had hij voor ons met kruisjes en tekeningetjes op een
keurig gestencild kaartje van het dorp aangegeven waar iets te zien was.
Zodoende konden we, toen hij met zijn uitleg klaar was, direct op speurtocht.
Aan de hand van de foto's die ik maakte kan ik laten zien dat het toch
niet zo maar een dorpje van 200 x 40 meter bij de Witte Bergen op Kreta
was. De volgorde van de foto's is zoals we de dingen in het dorp al lopend
na elkaar gezien hebben.

Het benedendorp van Argiroupolis gezien vanaf het plein
met de borstbeelden.

De zeventiende-eeuwse Venetiaanse kerk Aghios Ioannis
op het plein, die helaas niet te bezichtigen was. Aan de buitengevels
zijn zes verschillende stijlperiodes waar te nemen.

Een plaatselijke held in brons, Ilias Ioan Deligianakis
(1877-1918). Er stonden overigens nog meer koppen. In de oorlog tegen
de Turken hadden zij een belangrijke rol voor het dorp gespeeld.

Een oud Venetiaans herenhuis met een boog waarboven zich
een inscriptie in marmer bevindt: "Omnia Mundi Fumus et Umbra", "Alle
dingen op deze aarde zijn rook en schaduw". Zo heb ik het tenminste vertaald.

Een klein huisje met een hofje met een op de foto niet
zichtbaar Ionisch kapiteel.

Het deksel van een marmeren kindersarkofaag (Greco-Romeins)
dient als drempel van een oud kerkje, de Aghios Paraskevikapel.

Vóór dat kerkje staat een marmeren Ionische zuil.

Aan de voorzijde ziet het kerkje er niet zo erg oud uit.

Maar aan de achterzijde te zien zou dit kerkje wel eens
heel erg oud kunnen zijn!

Nogmaals de voorzijde van het kerkje.

De klokkenstoel, die duidelijk van veel recentere datum
is.

Binnen zien we o.a. een ikoon van Maria, waarvan de ontstaansdatum moeilijk te schatten, maar zeker wel van voor 1800 is.

Daarachter bevindt zich de ikonostasis met tamelijk recente,
maar wel mooie ikonen.

Een veel ouder kerkje, de kerk van de Heilge Maagd Maria
(dertiende eeuw), is helaas niet toegankelijk. Waarschijnlijk omdat dit zeer oude fresco's
herbergt.

En dan, tot onze grote verrassing, de resten van een Romeins
badhuis met een fraaie mozaiekvloer uit 27 voor Christus, gebouwd door Keizer Octavianus.
We hadden ons rondje gelopen en vielen weer in handen van de V.V.V. Eerst
nog wat drinken, want het was alleen maar nog warmer geworden en daarna
móesten we zijn winkel in. Uiteindelijk kochten we wat lichaamsverzorgende
avocadohoudende crèmes in de winkel: Lappa Avacado. Ondertussen kwam de
V.V.V. met een nieuw verhaal. Er is in het dorp nog meer te zien. Beneden
is een dodenstad, een nekropolis, met wel meer dan tweehonderd met de
hand uitgehakte rotsgraven. Dat móeten we zien. Het is niet moeilijk te
vinden. Je komt vanzelf als je hier wegrijdt een steil voetpad tegen.
Auto wegzetten en te voet verdergaan. Je ziet de graven dan links liggen.
Er is daar een bron en daar wordt al van oudsher water gehaald. Er stond
een plataan en op een gegeven moment werd de boom zo groot dat de waterhalers
er niet meer met hun ezelskar langs konden. Ze hebben hem toen doormidden
gekliefd en nu staan er twee reusachtige platanen met een ezelspad er
tussendoor. V.V.V. zegt dat de bomen ouder dan 2000 jaar oud zijn. En
hij kan het weten want het is allemaal op zijn grond! Die bron is ook
erg oud want die is in de Oudheid aan de inwoners van Lappa geschonken
door Keizer Augustus in 27 voor Christus. Hij levert de bewoners van Argiroupolis
nog steeds meer dan voldoende uitstekend zeer koel water!
Wij konden gewoonweg niet anders dan ook de nekropool nog bezoeken.

De dodenstad van Lappa.

De graven zijn van binnen bewerkt ongeveer zoals die in
Etrurië.

Hier zijn echter volgens mij geen wandschilderingen.

Halverwege de dodenstad staat de poort die toegang geeft
tot een kapelletje: De Vijf Maagden.

Deze kapel heeft deze merkwaardige naam gekregen omdat
hij op de plaats staat waar in de derde eeuw na Christus vijf aanhangsters
van het christelijke geloof door de Romeinen werden gedood terwijl ze
bij de tombes een verboden geloofsbijeenkomst hielden.

Tegenwoordig heet het hele gebied van de tombes De Vijf
Maagden.

Daar staat ook de gekliefde halve plataan van minstens
tweeduizend jaar oud.

De andere helft van de plataan.

De bron die behalve Argiroupolis ook Rethymnon nog steeds
van water voorziet.

Nogmaals de bron.

De begrafenisweg.
Voor de rest van het dorp, beneden het benedendorp, hadden we geen energie
meer. Er liggen daar nog zes, zeven zeer oude kerkjes, zelfs uit de oudste
Byzantijnse periode, een tempel gewijd aan Diana, een antieke watermolen,
een oude molen, nog een Romeins badhuis en een Heiligdom van de Nymfen
uit de vierde eeuw voor Christus. Toen we uit het dorp wegreden bleek
dat Argiroupolis aan een van de wegen van Rethymnon naar Chora Sphakion
ligt en dus eigenlijk heel makkelijk te vinden en te bereiken is en daardoor
ook vaak als stopplaats door toeristen wordt gebruikt om even de benen
te strekken en wat te drinken. Voor ons was Argiroupolis echter een ontdekking
aan het eind van een dwaaltocht.
© Ben de Graaf Bierbrauwer
Reacties naar benilse@quicknet.nl
https://bgbpix.nl
|