Een nostalgische toer over de Peloponnesos
Deel 28

01 02 03 04 05 06 07 08 09 10
11 12 13 14 15 16 17 18 19 20
21 22 23 24 25 26 27 28 29  



Een enigszins vergeten deel van de Peloponnesos is de streek die ten oosten van de opgraving van het wereldberoemde theater van Epidavros ligt. Bijna alle buitenlandse toeristen die naar Griekenland gaan, komen vast en zeker bij dat inderdaad fraaie theater, maar de streek die daar ten oosten van ligt wordt maar zeer weinig bezocht, of men reist er door naar Poros. Dat is toch wel jammer want er valt daar toch ook wel het een en ander te zien.

De weg naar het oosten voert langs de kust van de Saronische Golf. Het water van de Saronische Golf is kennelijk zo schoon, dat we op meerdere plekken viskwekerijen en mossel-'banken' zagen liggen.


Niet zo lang geleden was de Golf van Salamis en ook de Saronische Golf behoorlijk ernstig vervuild, doordat veel reders hun schepen die geen dienst meer deden daar lieten afbreken met alle gevolgen van dien. Tegen die vervuiling heeft men een nogal vreemde oplossing gevonden, die, hoewel nog in een experimentele fase, blijkt te werken. Er werden tienduizenden autobanden met elkaar verbonden in de zee gelegd en daarbij trad zuivering van het water op, zodat er nu koraal blijkt te gaan groeien!


Een stukje verder heeft men een schitterend uitzicht over de zee. Men kan vaag in de verte het eiland Aegina zien.


Heel erg lang geleden, in 1963, zijn we daar vanuit Athene met een schip terechtgekomen. We hebben daar onder de blote hemel in de prachtige tempel van Aphaia geslapen. Bij volle maan was de tempel nog blinkend wit alsof hij gisteren was gebouwd! Die witheid van het marmer was overdag oogverblindend. Opvallend aan de tempel was ook de 'tweede verdieping' met kleine zuilen.






Bij het kustdorp Epidavros kwamen we behalve een paar bedelende katten en een leuk vissershaventje ook toevallig een nogal knullig wit houten bordje met een pijl tegen met een nauwelijks te lezen Palio Epidavros (= Archaia Epidavros = Oud Epidavros).




Op dat moment herinnerde ik mij dat we daar eens eerder waren geweest en dat we toen in de ruigte met veel stekelige gewassen naar een opgraving hadden gezocht en die ook hadden gevonden: een niet geheel uitgegraven theater tussen de olijfbomen.


In 2021 kwamen we weer in de buurt en zagen in het dorpje een gewoon net bord waarop duidelijk de site van de opgraving stond aangegeven. Vermoedelijk namen we een verkeerd weggetje, want we kwamen via een smal oud trappetje (uit de Oudheid?) weer in dicht struikgewas (= phrygada = ondoordringbare struiken) terecht.


Na veel geploeter en schrammen zagen we iets dat leek op een opgraving, maar dat was zeker niet het theater dat we zochten. We zagen er delen van een riolering en wat fundamenten en schamele resten van gemetselde muren. Veel tijd om alles een beetje beter te bekijken kregen we niet want er verscheen eeen bewaker die ons tegenhield. We legden hem uit dat we naar het theater zochten. Hij wees op z'n Grieks met een slap armpje naar "ergens daar boven". Wij volgden zijn aanwijzing en ploeterden verder tot we bij een groot ijzeren hek met een deur kwamen, die een beetje openstond, maar bij de eerste stap die we door die deur maakten verscheen ogenblikkelijk weer een bewaker die ons niet erg vriendelijk tegenhield.



Streng verboden om naar binnen te gaan. We konden geen stap in het theater zetten, ook niet door de hoofdingang. Men was er bezig een optreden van een popgroep voor te bereiden. Overal in het theater stond uiterst kwetsbare en kostbare geluids- en belichtingsapparatuur opgesteld.


Het komt trouwens overal in Griekenland voor dat de antieke theaters weer volop voor wat dan ook gebruikt worden. Ze liggen er nu eenmaal, zijn goedkoop in onderhoud en omdat het vooral in de zomer 's avonds gewoon lekker is om buiten te zijn, nodigen ze gewoon uit voor alle mogelijke activiteiten. In Athene zelf natuurlijk voor de toneelstukken van de oude dichters, maar in de kleinere plaatsen vooral voor optredens van rondtrekkende muziekgroepen.

Zo hebben wij een keer in Preveza in het oude theater urenlang kunnen genieten van de grote Griekse zanger Mikis Theodorakis, die ook zijn bekende Zatouna-songs ten gehore bracht. Die liederen kenden we toen van een langspeelplaat, met tekstboek, die we na zijn gevangenschap in Zatouna (op de Peloponnesos!) in Nederland hadden gekocht en grijs gedraaid! We verstonden er in Preveza natuurlijk helemaal niets van, want we hadden de Nederlandse vertaling niet bij de hand, maar de tienduizend Griekse fans vroegen zelfs om half drie 's nachts om meer! Het was voor iedereen een belevenis. fascinerend, geweldig! Wij, en dat zal mij mijn hele leven bijblijven, hebben hem op een gegeven moment de hand kunnen drukken!

Iets verder naar het oosten ligt aan de overkant van het water een vriendelijk zeer Grieks stadje: het buitengewoon fotogenieke Poros. Het wordt vooral in de weekeinden door Atheners graag opgezocht.




Van Poros tot aan Ermioni en Porto Heli ligt een nog meer vergeten stuk Griekenland. Wij hebben ooit die uithoek opgezocht om te zien waar koningin Juliana haar zomervakantie doorbracht. We hebben toen haar zomerverblijf niet kunnen vinden, maar het kan ook best zijn dat dat helemaal niet dr wss!


In 2021 kwamen we er weer terecht en eigenlijk ontdekten we die streek opnieuw. De kust is niet bepaald aantrekkelijk voor toeristen, maar voor mensen die op zoek zijn naar vogels is het een dorado. Op veel plaatsen is het er moerassig en er zijn talrijke meertjes.





Vanaf de kustweg is het uitzicht over zee trouwens ook de moeite waard: je kan aan de overkant het prachtige eiland Hydra zien liggen. Het stadje Mandraki (niemand kent die naam; iedereen noemt het gewoon Hydra!) is beroemd om de mooie rederswoningen uit lang vervlogen tijden rondom de gezellige haven en misschien ook wel beroemd, berucht, gewild, geliefd om de duizenden aaibare katten die er rondlopen. Zelf zijn we er nooit geweest, omdat er nauwelijks mogelijkheden zijn om er met een campertje te komen en bovendien waren (zijn?) er bijna geen wegen voor auto's op het eiland.

Ermioni en Porto Heli zijn vast wel aantrekkelijke plaatsjes, maar wij laten ze bewust links liggen. Bij het binnenrijden van Ermioni zien we overal borden met vaak in knullige taal en dito letters geschreven: Zimmer frei, Zu vermieten, simmer, RooMs tolet, zimer frei (de Grieken hebben immers een ander alfabet met andere lettertekens dan de meeste andere Europeanen). In de reisgids staat dat er in die dorpen meer dan 200 hotelletjes te vinden zijn en ook dat er een groot aantal kamers te huur is. Dat zien we dus met eigen ogen!

Wij keren haastig om en gaan dan liever naar een ons bekende camping in Iria, richting Navplion. De weg daarnaartoe loopt door de bergen en komt bij een dal waar een oud kerkje te vinden is met mooie fresco's.




Het is een van de weinige gebedshuizen in Griekenland waar je gewoon binnen kan lopen: de deur staat er open. Geen probleem om naar binnen te gaan dus, maar wl om de fresco's te bekijken.


De deur staat dan wel open, maar die is nogal klein en binnen is het aardedonker, waardoor er maar weinig daglicht naar binnen komt. Ik heb de foto's helemaal op gevoel moeten maken omdat door de zoeker niets te zien was.






De fresco's zijn zeker de moeite waard. Helaas kan ik dat niet van de foto's zeggen!


<--Peloponnesos: Deel 27 Peloponnesos: Deel 29-->


© Ben de Graaf Bierbrauwer

Reacties naar benilse@quicknet.nl
https://bgbpix.nl